Toekomst van Veiligheid

Op vrijdag 17 november kwamen vertegenwoordigers van verschillende politieke partijen in Sociëteit de Kring in Amsterdam bijeen voor een debat over jeugdcriminaliteit. Onder leiding van moderator Anoushka Schut, directeur Expect Jeugd, discussieerden Songül Mutluer (GroenLinks-PvdA), Ruud Verkuijlen (VVD), Don Ceder (ChristenUnie), Liesbeth van der Heide (CDA), Peter Kwint (SP) en Joost Sneller (D66) over zes stellingen: preventie versus vergelding, de effectiviteit van de ’top 600′, diversiteit in forensische jeugdhulp, sociale ongelijkheid, de verantwoordelijkheid van ouders en preventieve schoolprogramma’s. 
 
Het verkiezingsdebat is online terug te kijken op vimeo: https://vimeo.com/event/3876084. Lees verder voor een kort verslag van het debat: 

Zorg in plaats van straf 
Het eerste debat tussen GroenLinks-PvdA en de VVD draaide om verschillende benaderingen van het jeugdstrafrecht: recidive voorkomen versus vergelding nastreven. Songül Mutluer (GroenLinks-PvdA) bekritiseerde de focus van de VVD op straffen en vergelding in plaats van preventie en zorg. Ze wees op de noodzaak van preventie, herstelrecht en begeleiding voor jonge daders. Songül: “Op het moment dat je alleen maar je richt op straffen terwijl je weet dat er oorzaken zijn waarom jongeren de criminaliteit ingaan, waaronder de wijken waar ze in opgroeien, gescheiden ouders, multiproblematiek, de 40% van de jongeren die een LVB-problematiek heeft, en je gaat alleen maar straffen en je niet richten op preventie… ja, dan is het in mijn beleving dweilen met de kraan open.”. Daarop reageerde Ruud Verkuijlen (VVD) dat zijn partij wel degelijk aandacht besteedt aan preventie, maar dat straffen de samenleving ook beschermen: “Op straat zijn er ook jongeren die, willens en wetens om, strafbare feiten plegen waar je ook met de jeugdzorg heel moeilijk nog tussen kan komen. En die plegen echt volwassen feiten. Ik heb het over ernstige zedendelicten. Ik heb het gehad over seksuele uitbuiting. (..) Daar vind ik ook wel dat de rechter wat mij betreft zou mogen beginnen met in de eerste aanleg het volwassenenstrafrecht.”


De effectiviteit van de Top 600-methode 
Het debat tussen de ChristenUnie en de SP behandelde de effectiviteit van de top 600-methodiek in het aanpakken van jeugdcriminaliteit en het voorkomen van zware delicten. Don Ceder (CU) deelde verhalen van individuen binnen de top 600: “Jongeren krijgen een label, een sticker. Dus dan gedraag je er ook zo naar.” Hij benadrukte dat zijn partij volledig achter een integrale aanpak staat, waarbij zowel het kind als de ouders worden betrokken, maar dat ze worstelen met het feit dat het recidivecijfer niet daalt terwijl de sticker zwaar weegt voor deze jongeren. 

Peter Kwint (SP) voegde toe: “Volgens mij is er niemand met enig verstand van zaken die betwist dat het verstandig is om niet alleen met een stok te rennen achter de jongeren die zwaar crimineel gedrag vertonen.” Hij bekritiseerde echter de teleurstellende resultaten van de top 600-aanpak in recente rapporten en de nadelen van het stigma dat jongeren hieraan overhoudenOok wees hij op de zelflerende algoritmes die ook jongeren selecteren die geen strafbaar feit hebben gepleegd, maar bijvoorbeeld alleen een familielid zijn van iemand in de criminaliteit. Hij pleitte voor het behouden van positieve aspecten maar uitte ernstige twijfels over de algehele effectiviteit van de top 600-aanpak. 

Landelijke i.p.v. regionale inkoop  
Over het aanpakken van het tekort aan diversiteit en kwantiteit in specialistische forensische jeugdhulp, met een focus op landelijke versus regionale inkoop, zijn CDA en D66 het grotendeels eens, zij het met nuances.  
 
Liesbeth van der Heide (CDA) benadrukte dat haar partij niet voor een complete omvorming van het systeem is. Ze wees op het gebrek aan ambtelijke capaciteit bij veel gemeenten, wat problemen veroorzaakt in het begrijpen en beheren van complexe zorgtaken, inclusief het omgaan met ‘zorgcowboys’. Ze gelooft in het behoud van regionale aanpak, terwijl administratieve lasten moeten worden verminderd. Joost Sneller (D66) stelde dat het huidige systeem leidt tot wachtlijsten doordat niet elke gemeente contracten heeft met gespecialiseerde hulpverleners. Hij pleitte voor een landelijk dekkend aanbod om deze wachtlijsten te verkorten, vooral voor de specialistische zorg.  

Beiden erkennen dat specialistische zorg op regionaal niveau gehandhaafd moet worden waar mogelijk, maar als bepaalde zorgtypen niet lokaal beschikbaar zijn, zou een landelijke aanpak de oplossing zijn. Daarbij wees CDA op het belang van lange termijninvesteringen voor specialistische expertise, terwijl D66 het centraler organiseren van specialistische zorg voorop stelde.

Sociale ongelijkheid
Over het aanpakken van sociale ongelijkheid en armoede ter preventie van jeugdcriminaliteit was er tussen de SP en de VVD grotendeels overeenstemming hoewel ze in aanpak verschilden. SP pleitte voor hogere minimumlonen en het bevriezen van de huur als oplossingen. VVD wees op probleemwijken: “De verleiding op straat is daar groter.” Op de budgetkwestie stelt SP voor om bedrijfswinsten te investeren in preventie. VVD focust op een systemische aanpak in jeugdzorg en ondersteuning van gezinnen. 

Een bezoeker bracht ’nature vs. nurture’ ter sprake: de natuurlijke aard van jongeren tegenover de omstandigheden waarin ze opgroeien. De VVD erkende deze factoren maar benadrukte dat de politiek de omstandigheden kan beïnvloeden. Beiden prijzen sport als middel voor spanningsvermindering en het voorkomen van jeugdcriminaliteit.  

Verantwoordelijkheid van ouders 
Het debat tussen CDA en GroenLinks-PvdA draaide om de verantwoordelijkheid van ouders voor het delinquent gedrag van minderjarigen. Liesbeth van der Heide (CDA) benadrukte sterk dat ouders meer verantwoordelijk gemaakt moesten worden. Ze pleitte voor verplichte opvoedondersteuning als ouders tekortschieten. Songül Mutluer (GroenLinks-PvdA) bracht hier nuances aan en wees op de complexiteit van situaties waarin jongeren uit kwetsbare gezinnen komen zoals armoede, mentale problemen of andere stressfactoren. Het straffen van ouders als standaardoplossing leek haar geen goede weg, gezien de diversiteit en complexiteit van achtergronden.

Ook de overgang van detentie naar de samenleving kreeg aandacht, waarbij stabiliteit en begeleiding door beide partijen cruciaal werden geacht om recidive te voorkomen. Er was een verschil in aanpak: het CDA leek meer neiging te hebben naar dwang en verplichte betrokkenheid van ouders, terwijl GroenLinks-PdvA pleitte voor ondersteuning en begeleiding van ouders zonder direct naar dwangmaatregelen te grijpen. 

Preventieve schoolprogramma’s 
Het debat tussen D66 en ChristenUnie draaide om de investering in sociale en emotionele ontwikkelingsprogramma’s in scholen ter preventie van gedragsproblemen en criminaliteit. Ze waren het grotendeels eens over het belang van vroege interventie in sociale en emotionele ontwikkeling, zij het met verschillende ideeën over de uitvoering en de verdeling van verantwoordelijkheden.

Joost Sneller (D66) benadrukte de noodzaak van vroegtijdige interventie, waarbij hij de nadruk legde op bredere maatschappelijke uitdagingen die het onderwijs beïnvloeden, zoals het lerarentekort en werkdruk. Hij pleitte voor externe ondersteuning en gespecialiseerde organisaties om scholen te helpen bij het aanpakken van deze problemen. Don Ceder (CU) steunde het idee van investeringen in scholen, maar wees op de complexe financieringsstructuur tussen ministeries als een obstakel voor effectieve samenwerking.